‘We zijn allebei kartrekkers, we houden van verdieping en we willen meer dan alleen voor de klas staan.’ Niet zo gek dus dat Els Bousema en Moniek Homan, beiden leerkracht bij obs De Veenvlinder in Eelde, de vraag kregen om binnen Stichting Baasis de opleiding tot kwaliteitscoördinator te volgen. Dat doen ze samen met ruim twintig andere collega’s van Baasis. Een gesprek met de twee gepassioneerde leerkrachten, die na de eerste maanden de tussenstand opmaken.
Waarom zijn juist jullie gevraagd om de opleiding tot kwaliteitscoördinator te volgen?
Els: ‘Ik sta nu bijna 25 jaar voor de klas en ben naast leerkracht van groep 5 ook taal- en bouwcoördinator. Het heeft met altijd wel getriggerd om mijn kennis te verdiepen. Want ik wil graag meer dan alleen voor de klas staan.’
Moniek: ‘Voor mij geldt hetzelfde, ik geef vijftien jaar les. Dit jaar aan groep 6. Ik heb in ontwikkelgesprekken met onze directeur aangegeven open te staan voor verdieping. Els en ik zijn allebei enthousiast, nieuwsgierig en houden ervan om zaken uit te zoeken. Het kan wat ons betreft altijd beter.’
Els: ‘We zijn allebei aanjagers van nieuwe ontwikkelingen in het onderwijs. Soms lopen we daarin iets te hard van stapel en worden we teruggefloten door ons team, haha. Het mooie aan deze opleiding is dat die vanuit Stichting Baasis zelf komt. We mogen samen met collega’s van andere scholen de kar trekken. Dat vind ik heel krachtig.’
Moniek: ‘Daarbij gaat het niet om ons, maar om de kwaliteit van het onderwijs. Alle scholen binnen Stichting Baasis bewandelen hetzelfde pad, maar doen dat op hun eigen manier. Dat maakt deelname aan de opleiding extra interessant.’
Wat merken leerlingen straks van de kwaliteitscoördinator?
Els: ‘Een kwaliteitscoördinator gaat preventief te werk. Dus al aan de voorkant bepaalt die samen met een leerkracht wat een leerling nodig heeft. En dus niet ‘achteraf repareren’. Daarnaast zorgt een onderwijscoördinator voor een groeiende lijn in het onderwijs. Van groep 1 tot groep 8. We willen naar steengoed onderwijs. In de opleiding zijn we bezig met een ontwikkelplan, een levend document waarin de uitgangspunten van elke school anders zijn. Centraal voor ons staat: de leerkracht moet in zijn of haar kracht gezet worden.’
Moniek: ‘We moeten terug naar de basis, zodat we elke leerling goed bedienen. Nu is het zo dat een leerkracht vaak, overdreven gezegd, met 100.000 dingen tegelijk bezig is. Als voorbeeld noem ik ‘kraanwaterdag’. Moet een leerkracht daar echt mee bezig zijn of moet die zich vooral focussen op de kinderen en hen vooral leren om goed te spellen, rekenen en schrijven? We staan voor goed onderwijs en dat hoeft niet altijd leuk te zijn. We mogen daarin kritischer zijn naar elkaar.’
Els: ‘Een kwaliteitscoördinator gaat meekijken met de leerkracht en krijgt een coachende rol. Wat heeft de leerkracht nodig? Wat heeft een leerling nodig? Uiteindelijk bepaalt de leerkracht samen met de kwaliteitscoördinator welke aanpak nodig is voor een kind en gaat daarmee aan de slag, samen met de leerling. Zodat het echt van de leerkracht wordt en niet van een externe begeleider die geen idee heeft wat er zich afspeelt in een klas. De leerkracht is straks de spin in het web.’
Wat doen jullie door de opleiding nu anders dan voorheen?
Moniek: ‘Als er iets speelt, waar ik het antwoord niet op weet, grijp ik nu eerder naar vakliteratuur. Bijvoorbeeld bij een kind met autisme. Nu ga ik op onderzoek uit: hoe kan ik die leerling zoveel mogelijk in de klas houden?’
Els: ‘Ik stap nu veel eerder op collega’s af als ik zie dat die ergens moeite mee hebben. We doen het samen! We zijn door de opleiding nog bewuster en gerichter met de kwaliteit van ons onderwijs bezig.’